Rottum bestaat uit drie eilanden (Rottumeroog, Rottumerplaat en de Zuiderduintjes) en ligt in het oostelijk deel van de Waddenzee.

 

De eilanden, die deel uitmaken van de gemeente Eemsmond, liggen in een rustgebied van de Waddenzee en zijn niet vrij toegankelijk. Alleen naar Rottumeroog wordt ieder jaar een zeer beperkt aantal excursies georganiseerd. Het beheer over de eilanden wordt gezamenlijk gevoerd door Rijkswaterstaat, Staatsbosbeheer en het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

 

Rottumeroog 'wandelt' langzaam in de richting van de Eemsmond. Of het eiland daarin geheel zal verdwijnen en hoe lang dat eventueel zal duren, is niet te zeggen. In het najaar van 1998 braken de duinen aan de noord-westkant door. De beroemde tuin van Toxopeus verdween daarbij in de golven. Niet lang daarna is de voogdswoning door Rijkswaterstaat afgebroken en werd alle materieel naar de vaste wal verscheept. Aan de zuid-oostzijde groeit Rottumeroog aan, zij het minder dan het aan de andere kant verliest.  Rottumerplaat groeit de laatste jaren juist enorm. Aan de noordkant van het eiland is een rif ontstaan dat het strand en de duinen aan de Noordzeekant beschermt.

 

Tijdens het broedseizoen (1 april - 1 augustus) verblijven zowel op Rottumeroog als op Rottumerplaat twee vogelwachters. Als taak hebben zij onder andere het verrichten van tellingen en waarnemingen, de bewaking van het eiland en het melden van verstoringen. Jaarlijks worden hiervan rapporten opgesteld, die bij Staatsbosbeheer besteld kunnen worden.

 

Rottumerplaat verwierf landelijke bekendheid door het verblijf van Jan Wolkers en Godfried Bomans. Beiden brachten in 1971 een week in volstrekte eenzaamheid op het eiland door. Het enige contact dat ze met de buitenwereld onderhielden was het dagelijkse radiocontact met Willem Ruis.